Het nieuwe weten

Lezend over synchroniciteit in het gelijknamige boekje van Carl Jung, kwam ik tot een besluit. Ik stop met schrijven volgens de oude regels. En ik begin met schrijven voor mezelf.

In mijn wereld wordt ik op mijn pad geleidt door roofvogels. Ik heb geleerd dat een schreeuw van een roofvogel, hier in Nijmegen vooral de buizerd, samenvalt met ‘de juiste gedachte’ in mijn hoofd. Het is dezelfde synchroniciteit die Jung koppelt aan zingeving. Je kunt ons bewustzijn niet bestuderen en onderzoeken zonder te weten wat zin en betekenis maakt. De gehele vraag naar waar, of wat, ons bewustzijn is, valt samen met de reden waarom we dat willen weten. Wat is de betekenis van leven, wat is de zin van ons bestaan. En de allerbeste antwoorden op deze vragen hangen samen met wat Jung het a-causale noemt. Om dit te begrijpen én om het voluit te kunnen gebruiken, heb je een andere manier van kijken nodig.

In de categorie “Het nieuwe weten” verzamel ik mijn teksten over deze manier. Om over de a-causaliteit alvast iets te zeggen. In de standaardwetenschap, maar ook in ieders gewone opvatting over de werkelijkheid, wordt uitgegaan van een heel stel verborgen aannames. Waar komen we vandaan? Wordt door de een beantwoord met God, door de ander met een complex evolutieverhaal dat begint bij eencelligen. Het fundament van al deze redeneringen, hoe verschillend ook, is de aanname dat er causaliteit is. En dat het terugvragen langs de keten van causale opeenvolging ons het zicht geeft op het begin. Alles moet ergens begonnen zijn, en alles moet een keer stoppen. Dat elke oorzaak een gevolg heeft zien we alle dagen in het echt om ons heen gebeuren. Daarom mogen we ook terugvragen naar het eerste begin. De menselijke logica wordt door mensen verheven tot de orde van het universum. Ondanks de paradoxen die dat oplevert. Ondanks, in mijn woorden, de logica niet logisch samenvalt met de werkelijkheid. Neem een logische paradox van Zeno als voorbeeld. Een boogschutter schiet een pijl af richting een doel, dat op een boom is gehangen. Volgens de logica legt de pijl eerst de helft van de afstand af, en daarna de helft van de overgebleven afstand. Ad invinitum. Tot in het oneindige. Ergo, de pijl raakt nooit de boom. Dat is dus wat je aan de logica hebt. Als de menselijke logica werkelijk de orde van het universum was, dan kwam die pijl ook werkelijk nooit op zijn doel aan. En de twee andere voorbeelden die ik vaker aanhaal. Het probleem van de kip en het ei, wat was het eerst? En het tweede, ons eigen bewustzijn van onszelf. Dat merkwaardige bewustzijn, dat zichzelf tot onderwerp kan hebben, dat zichzelf tot onderwerp kan hebben, ad invinitum.

Het nieuwe weten kent meer gewicht toe aan het concept van de a-causaliteit. Dat er dingen betekenisvol verbonden zijn, maar niet causaal. En natuurlijk met meer begrip voor de logica als uitvinding van de mens. En de bijna niet te bevatten oneindigheid krijgt een plaats in de alledaagse gewoonte. Dat zijn een paar steekwoorden om je een idee te geven over deze reeks teksten.